Schilder

Als schilder onderhoud en herstel je het schilderwerk in woningen, winkels, scholen en andere gebouwen. Af en toe plaats je ook een ruit of behang je een kamer. Je ontroest of ontvet oud schilderwerk en verwijdert oude verflagen met een verfafbrander. Vervolgens schuur je de ondergrond en plamuur je oneffenheden. Je kiest de juiste technieken, verfsoorten en gereedschappen. Dan kan het eigenlijke schilderwerk beginnen. Meestal breng je eerst een grondlaag aan. Is die droog, dan volgen nog een aantal laklagen. Bij het verven gebruik je kwasten, rollers en spuiten. Als je klaar bent, maak je alles goed schoon. Je werkt binnen in of aan de buitenkant van gebouwen. Bij dit werk sta je veel, soms hoog op een ladder of steiger. Soms werk je in een ongemakkelijke houding. Bij het afbranden en verdunnen van verf komen er dampen vrij, die ongezond zijn als je ze inademt.  

Beroepseigenschappen

  • nauwkeurig kunnen werken
  • geen last hebben van hoogtevrees
  • een vaste hand hebben
  • gevoel hebben voor kleur, dus niet kleurenblind zijn

Beroepensector

techniek

Opleidingsniveau

MBO-3 vakopleiding