Bestuursvorm

De beleidsvrijheid en de daarmee samenhangende verantwoordelijkheid van de bestuurders is de afgelopen jaren fors toegenomen. De overheid laat op een aantal gebieden steeds meer over aan de scholen. Op zich een goede ontwikkeling: de bestuurders kunnen beter bepalen wat belangrijk is voor de leerlingen en de school dan het ministerie in Den Haag. Wel wil de overheid garanties dat de onderwijsgelden verantwoord worden besteed en dat de kwaliteit van het onderwijs goed is. Zij vraagt dan ook het interne toezicht binnen de school te regelen. Een bestuur dat én het beleid uitstippelt én daar ook zelf toezicht op houdt, is niet meer toegestaan. Dit heeft geresulteerd in een nieuwe bestuursvorm. Kort samengevat bestaan bestuur en management van de school uit de volgende geledingen:

1. Een Vereniging met een Verenigingsbestuur (negen bestuursleden), met als voornaamste taak de bewaking van de identiteit en de contacten met de achterban. Het fiatteren van de benoeming van personeel en de toelating van leerlingen zijn belangrijke verantwoordelijkheden van het Verenigingsbestuur.

2. Een aan de Vereniging gelieerde Stichting VO, waarin de school ondergebracht is, die qua identiteit statutair één op één verbonden is met de Vereniging. Binnen deze Stichting VO zijn, conform de eisen van de overheid, bestuur en toezicht als volgt geregeld:

• De Raad van Toezicht (zeven leden) houdt toezicht op het bestuur van de school en doet hierover verslag aan de Vereniging.
• Het College van Bestuur (eenhoofdig) is het bevoegd gezag van de school en legt verantwoording af aan de Raad van Toezicht.
• De directie van de school, bestaat uit twee directeuren die leiding geven aan het onderwijs en een directeur bedrijfsvoering voor de ondersteunende diensten.

3. Daarnaast is er een tweede, aan de Vereniging gelieerde stichting, waarin de financiële belangen van de Vereniging zijn ondergebracht. Met deze structuur kan enerzijds het interne toezicht worden versterkt en tegelijk worden voldaan aan de eisen van transparantie die de overheid stelt. Anderzijds behoudt de Vereniging de invloed op de school, met name als het gaat om de identiteit.